De ouders van de pas één maand oude Noah verkeerden in diepe rouw en hadden van de artsen de overlijdensakte al gekregen. Maar toen kregen ze ineens een telefoontje. De begrafenisondernemer vertelde dat het kindje een teken van leven had gegeven.
Klinkt als een verhaal dat te bizar is voor woorden. Toch is dit echt gebeurd in het Braziliaanse São Paulo, zo meldt
De Telegraaf vandaag.
Noah was te vroeg geboren met een gespleten gehemelte. Artsen hebben er een maand lang alles aan gedaan om het leven van het jongetje te redden. Dat leek niet te lukken want de kleine Noah kreeg een hartstilstand.
Overlijdensakte
In een lokaal ziekenhuis werd het volledige protocol doorlopen, waarna artsen concludeerden dat het jongetje was overleden.
De ouders waren er kapot van. Na het nieuws namen de kersverse ouders afscheid van Noah en werd hen de overlijdensakte verstrekt.
In een interview op de Braziliaanse televisie toont de vader de overlijdensakte, waarop de naam van Noah staat geschreven.
Kapot van verdriet gaven ze hun kindje mee aan de begrafenisondernemer. Enkele uren later kwam er plots een telefoontje van diezelfde begrafenisondernemer.
Hij vertelde de ouders dat Noah nog leefde, en dat het jongetje een teken van leven had gegeven. De hulpdiensten werden gebeld en zij hebben het jongetje weer overgebracht naar het ziekenhuis. In het ziekenhuis zijn artsen inmiddels weer verdergegaan met de strijd voor het leven van Noah.
Lazarus-syndroom
Helemaal zeker is het nog niet, maar medici denken dat Noah met het Lazarus-syndroom kampt. Wie dit heeft, wordt dood gewaand na meerdere reanimatiepogingen.
Het Lazarus-syndroom, ook wel bekend als het Lazarus-fenomeen, is uiterst zeldzaam. Hierbij krijgt iemand nadat de reanimatie is gestopt spontaan weer een hartslag, zonder dat er nog gereanimeerd wordt.
Wereldwijd zijn er slechts enkele tientallen goed gedocumenteerde gevallen in de medische literatuur beschreven.
Een onderzoek uit Finland vond het Lazarus-fenomeen bij ongeveer 6 op de 1.000 gevallen waarin een reanimatie buiten het ziekenhuis definitief werd gestopt. Dat komt dus neer op 0,6 procent.
Onderzoekers vermoeden echter dat het verschijnsel nog steeds wordt onderkent of gemist.