Slecht nieuws voor huurders. Woningcorporaties verhogen de huren van sociale huurwoningen per 1 juli met gemiddeld 3,6 procent. Hiermee maken zij gebruik van de maximale ruimte om de huren te verhogen, zo meldt Hart van Nederland. Dat er gemiddels 3,6 procent bij gaat komen, blijkt uit onderzoek van brancheorganisatie Aedes onder woningcorporaties.
De stijging komt lager uit dan in de afgelopen twee jaar. In 2024 werden de huren met gemiddeld 5,6 procent verhoogd. In 2025 was dat 5,1 procent.
Desalniettemin is het een enorme klap in het gezicht van huurders met een
sociale huurwoning. Deze bewoners hebben het over het algemeen al niet breed en woningcorporaties benutten de maximale ruimte om de huren te verhogen.
'Noodzakelijk'
Aedes merkt op dat de extra inkomsten die corporaties via hogere huren binnenhalen 'noodzakelijk' zijn om te kunnen blijven investeren in het bouwen van nieuwe huizen.
Het is namelijk zo dat huuropbrengsten bepalen hoeveel geld woningcorporaties kunnen lenen voor de bouw van nieuwe woningen.
Inflatie
Dat de huren niet nog verder stijgen, zoals dus in 2024 en 2025 wel gebeurde, heeft ermee te maken dat de verhogingen in de sociale sector niet boven de gemiddelde inflatie van de afgelopen drie jaar mag uitkomen.
Door deze regel mogen woningbouwcorporaties de huren met maximaal 3,6 procent verhogen. En dat gebeurt dus ook.
Vrije sector
Voor
woningen in de vrije sector geldt iets anders. We spreken overigens van
een woning in de vrije sector, wanneer de kale maandhuur minimaal
€1.228,08 per maand betreft.
Huurders die in de vrije sector zitten, krijgen een maximale huurverhoging van 4,4 procent voor hun kiezen.
Opgemerkt moet worden dat er in het huurcontract een bepaling moet staan die de jaarlijke verhoging mogelijk maakt.
Als
deze niet in het huurcontract staat, is het voor een verhuurder niet
zomaar mogelijk om de huur te verhogen. Kijk hier dus goed naar.
Middensegment
Let
op: voor huurwoningen in het middensegment geldt dat de maximale
huurverhoging al op 1 januari van dit jaar werd vastgesteld op 6,1
procent.